Uitspraak
200801150/1.
Raad van State
Het college van gedeputeerde staten van Overijssel had besloten over de goedkeuring van het bestemmingsplan "West - Bedrijventerrein Buitenhaven - Noordbroek" vastgesteld door de gemeenteraad van Almelo. Appellanten, waaronder een bedrijf en Stichting Ruimtelijke Ordening en Milieu (ROM), stelden beroep in tegen dit besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat Stichting ROM niet ontvankelijk was omdat zij geen rechtstreeks bij het besluit betrokken belang in het bijzonder behartigt.
De Afdeling behandelde diverse beroepsgronden, waaronder de vraag of het ontwerpplan correct ter inzage was gelegd, of rapporten zoals bodemonderzoek en akoestisch onderzoek correct waren betrokken, en of het college voldoende zorgvuldigheid betrachtte bij het toezenden van een aanvullend luchtkwaliteitsrapport. De Afdeling concludeerde dat het college het luchtkwaliteitsrapport van 29 mei 2007 niet tijdig aan appellanten had toegezonden en hen niet de gelegenheid had gegeven hierop te reageren, waardoor het besluit in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel was genomen.
Daarnaast werd geoordeeld dat het college ten onrechte goedkeuring had verleend aan een planvoorschrift dat bedrijven in milieucategorie 5 toestaat zonder de juiste aanduiding op de plankaart, wat eveneens strijdig was met het zorgvuldigheidsbeginsel. Andere bezwaren, zoals inzake trillinghinder, financiële uitvoerbaarheid en definitie van begrippen, werden verworpen. De Afdeling vernietigde het besluit en onthield goedkeuring aan het betwiste onderdeel van de planvoorschriften, maar liet de overige rechtsgevolgen van het besluit in stand.
Tot slot werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellanten.
Uitkomst: Het besluit over de goedkeuring van het bestemmingsplan wordt vernietigd wegens strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel en onjuiste goedkeuring van planvoorschriften.