Uitspraak
200802975/1), mag de minister in beginsel uitgaan van de juistheid van een ten overstaan van een opsporingsambtenaar afgelegde en ondertekende verklaring en is dit slechts anders indien er bijzondere omstandigheden zijn. Dit uitgangspunt geldt ook indien de desbetreffende verklaring in een inlichtingen- en verhoorformulier als het onderhavige is neergelegd. Voorts heeft de rechtbank terecht overwogen dat, samengevat weergegeven, [appellant] niet aannemelijk heeft gemaakt dat de beheersing van de Nederlandse taal van vreemdeling 2 zodanig was dat hij - zonder inschakeling van een tolk - niet heeft begrepen waarop het gehoor zag, zodat van een bijzondere omstandigheid als hiervoor bedoeld geen sprake is.
200607461/1), is bij een besluit tot boeteoplegging het in artikel 3:4 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) neergelegde evenredigheidsbeginsel aan de orde. Als de toepassing van de beleidsregels voor een belanghebbende gevolgen heeft die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregels te dienen doelen, dan moet van deze beleidsregels worden afgeweken. Bij bijzondere omstandigheden die tot matiging aanleiding geven gaat het in ieder geval, mede gelet op artikel 4:84 van Pro de Awb, om individuele omstandigheden met een uitzonderlijk karakter. Het is aan degene die een beroep doet op bijzondere omstandigheden om dit beroep te onderbouwen.
200700456/1) wordt in situaties waarin verwijtbaarheid volledig ontbreekt, van boeteoplegging afgezien. Daartoe dient de werkgever aannemelijk te maken dat hij al hetgeen redelijkerwijs mogelijk was heeft gedaan om de overtreding te voorkomen. Een verminderde mate van verwijtbaarheid kan aanleiding geven de boete te matigen.