Uitspraak
200902874/1/R3) kan het college van gedeputeerde staten gebruik maken van de bevoegdheid tot het geven van een reactieve aanwijzing in gevallen waarin het stellen van algemene regels wordt overwogen of voorbereid. Deze situatie is thans aan de orde.
201001881/1/R2overweegt de Afdeling dat een reactieve aanwijzing, anders dan de zogenoemde proactieve aanwijzing, niet is gericht op het vaststellen van een nieuw bestemmingsplan, maar slechts tot doel heeft dat een onderdeel van een bestemmingsplan geen deel blijft uitmaken van het plan zoals dit is vastgesteld. Gelet hierop kan, anders dan het college van burgemeester en wethouders betoogt, geen termijn worden gesteld en kunnen geen voorschriften worden gegeven als bedoeld in artikel 4.2, eerste lid, van de Wro.
200910210/1/R1en de uitspraak van 16 februari 2011 in zaak nr.
201005138/1/R3, valt niet in te zien dat het provinciebestuur zich in beginsel niet in redelijkheid het belang van agrarische ontwikkelingen in het buitengebied en het voorkomen van aantasting van het landschap als provinciaal belang heeft kunnen aantrekken. In dit verband is van betekenis dat provinciale staten het met het oog op een goede ruimtelijke ordening noodzakelijk hebben geacht terzake algemene regels in de Verordening op te nemen.
200902874/1/R3) dient de strekking van een besluit inhoudende het geven van een reactieve aanwijzing niet te worden afgeleid uit de overwegingen die daarin zijn opgenomen of uit hetgeen het college van gedeputeerde staten met het geven van de aanwijzing heeft beoogd, maar is alleen het dictum van het aanwijzingsbesluit hiervoor bepalend.