ECLI:NL:RVS:2011:BU9578
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- M.G.J. Parkins de Vin
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Vaststelling zorgvuldigheid en inzichtelijkheid BMA-advies bij weigering verblijfsvergunning wegens medische situatie vreemdeling
De zaak betreft het hoger beroep van de minister tegen een uitspraak van de rechtbank die het besluit tot weigering van een verblijfsvergunning aan een vreemdeling vernietigde. De vreemdeling heeft ernstige psychiatrische klachten en stelt dat terugkeer naar het land van herkomst of een derde land niet verantwoord is vanwege het ontbreken van een veilige behandelomgeving.
De Raad van State overweegt dat het Bureau Medische Advisering (BMA) een deskundigenadvies aan de minister verstrekt en dat de minister zich moet vergewissen van de zorgvuldigheid en inzichtelijkheid van dit advies. Het BMA heeft bevestigd dat behandeling en medicatie beschikbaar zijn in Azerbeidzjan en Armenië, maar dat de ervaren veiligheid subjectief is en niet objectief kan worden vastgesteld.
De minister heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat de vereisten voor fysieke overdracht en voortzetting van behandeling worden nageleefd, waaronder contact met psychiatrisch verpleegkundigen in de betrokken instellingen. De Raad van State oordeelt dat de minister niet in strijd met de Awb heeft gehandeld en vernietigt het vonnis van de rechtbank, verklaart het beroep van de vreemdeling ongegrond en bevestigt het besluit van 24 juni 2010.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van de verblijfsvergunning wordt gehandhaafd.