Uitspraak
201007005/1/H1.
201005979/1/M1, geen omstandigheden voor op grond waarvan aannemelijk is dat de overtreder tijdelijk niet aan de last kon voldoen, zodat de rechtbank terecht heeft overwogen dat die uitspraak [appellant] niet baat.
Raad van State
Het dagelijks bestuur van de deelgemeente Overschie heeft bij besluit van 4 juni 2009 geweigerd de begunstigingstermijn van een last onder dwangsom te verlengen die was opgelegd om het gebruik van zes bergingen als autoherstelwerkplaats te staken. Het bezwaar van appellant tegen dit besluit werd ongegrond verklaard en de rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellant eveneens ongegrond.
Appellant stelde dat de civielrechtelijke procedure tot beëindiging van de huurovereenkomsten meer tijd in beslag nam dan voorzien, waardoor tijdige ontruiming niet zeker was. De rechtbank oordeelde dat appellant ervoor koos de beslissing op bezwaar af te wachten en dat dit voor zijn eigen risico was. Ook was geen sprake van nieuwe feiten die verlenging rechtvaardigden.
De Raad van State overwoog dat het dagelijks bestuur bij de beoordeling van het verzoek tot verlenging terecht alleen heeft gekeken naar de omstandigheden die verband houden met de vermeende onmogelijkheid om aan de last te voldoen. Het betoog van appellant dat het college een verdergaande strekking aan de last gaf dan de bewoordingen doen vermoeden, werd verworpen. De Raad concludeerde dat appellant wist dat de gehele inrichting moest worden verwijderd en dat geen sprake was van onmogelijkheid om aan de last te voldoen.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot weigering van verlenging van de begunstigingstermijn wordt bevestigd.