ECLI:NL:RBLIM:2020:5470
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over handhaving en dwangsommen inzake herstel asfaltverharding en belemmering openbare weg
Eisers exploiteren een metaalverwerkingsbedrijf en verwijderden asfaltverharding van een keerlus op hun perceel, waarop de gemeente Leudal handhavend optrad met diverse besluiten waaronder een last onder dwangsom, een last onder bestuursdwang en een invorderingsbesluit.
Na eerdere procedures oordeelde de Afdeling bestuursrechtspraak dat de keerlus, inclusief het deel op het perceel van eisers, een openbare weg is en dat het verwijderen van asfalt zonder vergunning verboden was. Eisers stelden dat de last onduidelijk was en dat het herstellen van de asfaltverharding binnen de gestelde termijn onmogelijk was vanwege onder meer onbeschikbaarheid van aannemers en weersomstandigheden.
De rechtbank oordeelde dat de last duidelijk was en dat eisers onvoldoende inspanningen hadden verricht om tijdig te voldoen. De aangebrachte asfaltverharding voldeed niet aan de technische eisen, waardoor de gemeente terecht een last onder bestuursdwang oplegde. De dwangsom werd terecht ingevorderd. De rechtbank vernietigde echter het deel van het besluit dat eisers verplichtte om belemmeringen veroorzaakt door derden te verwijderen, omdat een last alleen aan de overtreder kan worden opgelegd.
De rechtbank veroordeelde de gemeente tot vergoeding van griffierecht en proceskosten en kende een immateriële schadevergoeding toe wegens overschrijding van de redelijke termijn.
Uitkomst: Beroepen tegen verlenging dwangsombegunstigingstermijn, last onder bestuursdwang en invordering dwangsom ongegrond; beroep tegen preventieve last onder dwangsom deels gegrond en vernietigd.