Uitspraak
[naam 1]en
[naam 2], te [woonplaats 2] ,
Verzoek om intrekking van de last onder dwangsom (het bestreden besluit I)
- Eiser verwijst naar de inwerkingtreding van het bestemmingsplan ‘Tubbergen Buitengebied 2016 Veegplan’ en voert aan dat een achterhaalde grondslag is gehanteerd voor het besluit tot oplegging van de lasten onder dwangsom. De lasten zijn onverbindend en in strijd met de vereiste rechtszekerheid. Dit gegeven vormt aanleiding voor intrekking van de lasten.
- Eiser voert aan dat [naam vennootschap] .V. geen overtreder is voor overtredingen die betrekking hebben op perceel Sectie [letter] , nummer [letter en nummer] . Het opleggen van de last is in strijd met het rechtzekerheidsbeginsel.
- Ook stelt eiser dat de lasten gekoppeld hadden moeten worden aan de bestemmingen en niet aan de percelen. Hierdoor zijn lasten opgelegd zonder dat strijdigheid met de bestemming bestond. Zo kon de berging wel vergunningvrij worden gerealiseerd.
- Eiser stelt dat de plaatsing van de kampeermiddelen, de tijdelijke unit, de overkapping en de gebouwen ten dienste van het rusttheater geen overtredingen opleveren. De plaatsing van de kampeermiddelen levert geen overtreding op van artikel 3.1, lid c. De plaatsing van de tijdelijke unit was niet in strijd met artikel 2.1., eerste lid, onder a. van de Wabo omdat er geen sprake was van bouwen van een bouwwerk. De tijdelijke unit kon worden aangemerkt als bijbehorend bouwwerk bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Bijlage II behorend bij het Besluit Omgevingsrecht (Bor). Hiervoor was geen omgevingsvergunning vereist. Ook de overkapping is ten onrechte niet als vergunningvrij aangemerkt. Tot slot zijn bouwwerken ten onrechte niet aangemerkt als bij het rusttheater bijbehorend bouwwerk. Bij de vergunning voor het vitaliteitsgebouw, die na het dwangsombesluit is verleend, is volgens verweerder geen strijd met de planregels terwijl dit bij handhaving wel het geval zou zijn. Dit is in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel.
Invordering drie verbeurde dwangsommen (bestreden besluit II)
het gebruik en laten gebruiken van gronden en bouwwerken voor bedrijfsmatige kamerverhuur;
het gebruik en laten gebruiken van bijbehorende bouwwerken, recreatiewoningen, boerderijkamers, groepsaccommodaties, kampeermiddelen en stacaravans ten behoeve van permanente bewoning;
het gebruik en laten gebruiken van bijbehorende bouwwerken, recreatiewoningen, boerderijkamers, groepsaccommodaties, kampeermiddelen en stacaravans ten behoeve van de huisvesting van seizoenarbeiders dan wel elders werkzaam zijnde arbeiders;
het (zelfstandig) bewonen van gebouwen, niet zijnde woningen;
een uitbreiding van het hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of een ander bouwwerk, met een dak’. Nu het woonhuis als hoofdgebouw op grond van de bestemming ‘Wonen’ moet worden aangemerkt, heeft verweerder zich op het standpunt kunnen stellen dat het bijbehorend bouwwerk functioneel verbonden dient te zijn met dit woonhuis. Omdat dit niet het geval is, heeft verweerder de tijdelijke unit kunnen aanmerken als een niet vergunningvrij bouwwerk, omdat de functionele verbinding met het rusttheater er voor deze beoordeling niet toe doet. In ieder geval is het de rechtbank niet gebleken dat er evident geen overtreding heeft plaatsgevonden. Anders dan eiser stelt, is de rechtbank verder van oordeel dat het handhaven van een bouwwerk na afloop van een tijdelijke vergunning, gelijkgesteld moet worden met bouwen als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wabo, omdat de noodzakelijke omgevingsvergunning voor bouwen ontbreekt.
Invordering verbeurde dwangsom kampeermiddelen (bestreden besluit III)
‘caravan of een stacaravan dan wel enig ander voertuig of onderkomen, dat geheel of ten dele is bestemd of opgericht, dan wel wordt of kan worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf, en geen bouwwerk is waarvoor de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen is vereist’. De beroepsgrond slaagt niet.