ECLI:NL:RVS:2012:BX9308
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- G. van der Wiel
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van inbewaringstelling vreemdeling na terugkeer uit Duitsland zonder nieuw terugkeerbesluit
De vreemdeling werd in Nederland in vreemdelingenbewaring gesteld na terugkeer uit Duitsland, waar hij een asielaanvraag had ingediend. Hij stelde dat de minister opnieuw een terugkeerbesluit had moeten nemen vanwege zijn rechtmatig verblijf in Duitsland. De minister betoogde dat rechtmatig verblijf in Duitsland geen invloed heeft op de rechtspositie in Nederland en dat het eerdere terugkeerbesluit bleef gelden.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat de vreemdeling niet was teruggekeerd naar een land als bedoeld in de Terugkeerrichtlijn en dat het asielverzoek in Duitsland geen rechtmatig verblijf in Nederland opleverde. De eerder genomen terugkeerbesluiten blijven van kracht zolang niet aan de terugkeerverplichting is voldaan.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep kennelijk ongegrond, bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de inbewaringstelling zonder nieuw terugkeerbesluit en wijst het verzoek om schadevergoeding af.