ECLI:NL:RVS:2013:2080
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- B.P. Vermeulen
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekking verenigingsverlof schietvereniging wegens onwettige KNSA-lidmaatschapseis
De korpschef van de regiopolitie Gelderland-Midden trok op 8 april 2011 het verenigingsverlof van De Bunker in, omdat de vereniging niet langer lid was van de Koninklijke Nederlandse Schutters Associatie (KNSA). De staatssecretaris verklaarde het beroep van De Bunker tegen deze intrekking ongegrond en ook de rechtbank Arnhem wees het beroep af. De Bunker ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de in de Circulaire Wapens en Munitie 2005 opgenomen eis dat een schietvereniging lid moet zijn van de KNSA om in aanmerking te komen voor een verenigingsverlof, geen wettelijke grondslag heeft in de Wet wapens en munitie (Wwm). Deze eis gaat bovendien te ver en beperkt het recht op vrijheid van vereniging zoals beschermd door artikel 11 EVRM Pro, zonder dat deze beperking bij wet is voorzien.
De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigde daarom zowel het besluit van de staatssecretaris als het besluit van de korpschef en verklaarde het beroep van De Bunker gegrond. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen wegens gebrek aan bewijs. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van het verenigingsverlof van De Bunker wordt vernietigd wegens gebrek aan wettelijke grondslag en strijd met het recht op vrijheid van vereniging.