ECLI:NL:RVS:2013:2116
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- A.B.M. Hent
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing naturalisatie wegens onvoldoende bewijs nationaliteit
Appellante verzocht om naturalisatie, maar de minister wees dit verzoek af omdat het overgelegde Burundese paspoort niet als bewijs van nationaliteit werd geaccepteerd. Dit was gebaseerd op een onderzoek van het Bureau Documenten dat stelde dat de identiteitskaart waarop het paspoort was gebaseerd frauduleus was verkregen.
Appellante voerde aan dat het ambtsbericht van de minister van Buitenlandse Zaken en de verklaringen van het Bureau Documenten onvoldoende inzichtelijk en niet concludent waren. Zij overlegde tegenbewijs in de vorm van gelegaliseerde verklaringen van de Burundese ambassade die de rechtmatigheid van haar identiteitskaart en paspoort bevestigden.
De Afdeling oordeelde dat het deskundigenadvies van Bureau Documenten niet voldoende inzichtelijk was en dat de staatssecretaris niet had voldaan aan zijn vergewisplicht zoals vereist onder artikel 3:2 Awb Pro. Hierdoor was het besluit van 9 mei 2012 in strijd met de Awb tot stand gekomen.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en beval dat de staatssecretaris een nieuw besluit neemt met inachtneming van de overwegingen. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van het naturalisatieverzoek is vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor een nieuw besluit.