ECLI:NL:RVS:2013:CA2904
Raad van State
- Hoger beroep
- A.W.M. Bijloos
- R.J. van den Berg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake tijdelijke woonunit in strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Montferland verleende een tijdelijke omgevingsvergunning voor het plaatsen van een woonunit op een perceel in Didam, ondanks dat dit in strijd was met het geldende bestemmingsplan dat slechts één woning toestaat. Appellant verzocht handhavend op te treden tegen deze woonunit, maar het college wees dit af. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond en vernietigde een besluit tot vergunningverlening, waarbij de rechtgevolgen in stand bleven.
Appellant stelde in hoger beroep dat het college ten onrechte een tijdelijke vergunning had verleend zonder dat er sprake was van een tijdelijke behoefte, dat de termijn onredelijk lang was, dat het bouwbesluit niet was getoetst en dat de woonunit binnen een geurcontour lag zonder bescherming. De Raad van State oordeelde dat het college terecht aannam dat er sprake was van een tijdelijke behoefte in afwachting van de bouw van een nieuwe woning, dat de termijn passend was, dat het bouwbesluit was nageleefd en dat de woonunit als geurgevoelig object moest worden aangemerkt maar dat dit geen aanleiding gaf tot vernietiging.
De Raad concludeerde dat het college in redelijkheid tot vergunningverlening kon overgaan en dat het bezwaar tegen handhaving faalde omdat er zicht was op legalisatie. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.