ECLI:NL:RVS:2014:1540
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- J.C. Kranenburg
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van tegemoetkoming in planschade en vergoeding deskundigenkosten na bestemmingsplanwijziging in Drunen
Het college van burgemeester en wethouders van Heusden kende aan meerdere eigenaren van percelen te Drunen een tegemoetkoming toe wegens planschade als gevolg van een bestemmingsplanwijziging waarbij de bestemming van aangrenzende gronden veranderde van 'bedrijven' naar 'woondoeleinden'. De eigenaren stelden dat zij hierdoor schade leden door aantasting van privacy, woongenot, uitzicht en toename van overlast.
De Stichting Adviesbureau Onroerende Zaken (SAOZ) bracht een advies uit waarin werd geconcludeerd dat de wijziging een beperkte waardevermindering van de woningen tot gevolg had, en het college baseerde daarop haar besluiten. De rechtbank oordeelde dat het college deze adviezen terecht had gevolgd, maar vernietigde de besluiten voor zover de vergoeding van deskundigenkosten en kosten van de bestuurlijke voorprocedure waren afgewezen.
Het college nam nieuwe besluiten waarin een beperkte vergoeding van deskundigenkosten werd toegekend, waarbij de kosten van het opstellen van reacties op conceptadviezen slechts eenmaal werden vergoed. De appellanten voerden diverse bezwaren aan tegen deze besluiten, onder meer over de motivering van de waardebepaling en de wijze van vergoeding van kosten. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verwierp deze bezwaren en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en het beroep tegen de besluiten van 25 juni 2013 werd afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de besluiten van het college worden bevestigd.