ECLI:NL:RVS:2014:32
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- P.J.J. van Buuren
- W. Sorgdrager
- Rechtspraak.nl
Bevestiging invordering gedeeltelijke dwangsom voor asbestsanering ondanks niet tijdige melding
Het college van burgemeester en wethouders van Deventer legde aan [wederpartij] een last onder dwangsom op om asbesthoudende materialen te saneren volgens voorschriften, waaronder een schriftelijke melding minimaal een week voorafgaand aan de sloop. Omdat deze melding slechts twee dagen voor aanvang werd gedaan, besloot het college tot invordering van de volledige dwangsom van €25.000.
De voorzieningenrechter matigde dit bedrag tot €10.000 omdat aan andere onderdelen van de last wel was voldaan en oordeelde dat het college tot gedeeltelijke invordering had moeten overgaan. Het college stelde hoger beroep in tegen deze matiging.
De Raad van State oordeelt dat het college terecht tot invordering van een dwangsom mocht overgaan omdat niet volledig aan de last was voldaan. Wel is er aanleiding om het bedrag te matigen gezien de overige naleving en het feit dat de sanering door een gecertificeerd bedrijf is uitgevoerd. De Raad bevestigt daarom de uitspraak van de voorzieningenrechter en veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de matiging van de dwangsom tot €10.000 en verklaart het hoger beroep van het college ongegrond.