ECLI:NL:RVS:2014:3306
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- G. van der Wiel
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vaststelling geen nieuw feit bij afwijzing verblijfsvergunning asiel ondanks medisch rapport
De staatssecretaris wees een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af en weigerde ambtshalve uitzetting achterwege te laten. De vreemdeling stelde beroep in tegen dit besluit, waarbij de rechtbank het iMMO-rapport als nieuw feit aanmerkte en het besluit vernietigde. De staatssecretaris ging hiertegen in hoger beroep.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het iMMO-rapport niet als nieuw feit of veranderde omstandigheid kon worden beschouwd, omdat de vreemdeling niet aannemelijk had gemaakt waarom dit rapport niet eerder kon worden overgelegd. Hierdoor was toetsing van het besluit op dit punt niet mogelijk. Daarnaast faalde het beroep op medische gronden, omdat niet was aangetoond dat de medische toestand van de vreemdeling uitzetting in de weg stond.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning blijft in stand.