ECLI:NL:RVS:2014:857
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanwijzing bunkercomplex als gemeentelijk monument
Het college van burgemeester en wethouders van Westland wees de aanvraag van Stichting Menno van Coehoorn tot aanwijzing van het bunkercomplex 'Widerstandsnest' 51H als gemeentelijk monument aanvankelijk af. Na bezwaar werd het complex alsnog aangewezen als gemeentelijk monument vanwege de hoge cultuurhistorische en ensemblewaarde.
De eigenaar van het perceel, appellant, stelde beroep in tegen deze aanwijzing. Hij voerde onder meer aan dat het bezwaar van de stichting niet-ontvankelijk was, dat het college zich niet op monumentale waarde mocht baseren vanwege het tijdsverloop tussen inventarisatie en besluit, en dat het vertrouwensbeginsel werd geschonden omdat het college eerder toestemming gaf voor woningbouw.
De rechtbank verwierp deze bezwaren en oordeelde dat het college redelijkerwijs tot de aanwijzing kon overgaan. Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel en het financiële belang faalden, mede omdat mogelijke sloop of wijziging van het monument nog via een vergunningenprocedure getoetst kan worden.
De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanwijzing van het bunkercomplex als gemeentelijk monument blijft in stand.