ECLI:NL:RVS:2016:1178
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging last onder bestuursdwang en kostenveroordeling voor onderhoud oppervlaktewaterlichaam
Het dagelijks bestuur van het Waterschap Hunze en Aa's heeft appellant een last onder bestuursdwang opgelegd om onderhoud te plegen aan een oppervlaktewaterlichaam. Nadat appellant niet aan deze last voldeed, heeft het bestuur bestuursdwang toegepast en de kosten daarvan vastgesteld op €347,05. Appellant maakte bezwaar tegen de kosten en stelde dat de last hem niet had bereikt en dat de kosten te hoog waren.
De rechtbank oordeelde dat de last onder bestuursdwang appellant had bereikt en dat het bedrag van €347,05 terecht was vastgesteld. Appellant ging hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State. De Raad overwoog dat het bestuursorgaan aannemelijk had gemaakt dat de last was verzonden naar het juiste adres en dat appellant onvoldoende feiten had aangedragen om ontvangst redelijkerwijs te betwijfelen.
Verder wees de Raad het betoog af dat de kosten te hoog waren omdat deze niet overeenkwamen met kosten die in andere situaties waren vastgesteld. De Raad stelde dat de werkzaamheden en omstandigheden verschillen en dat het bestuursorgaan terecht bij de eigenaar van een naastgelegen perceel geen kosten in rekening bracht vanwege het gebruik van dat perceel zonder toestemming.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de kosten van bestuursdwang van €347,05 zijn terecht vastgesteld en verschuldigd.