ECLI:NL:RVS:2016:1676
Raad van State
- Hoger beroep
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting woning wegens aantreffen handelshoeveelheden hard- en softdrugs
De burgemeester van Oss heeft op 13 maart 2015 besloten de woning van appellant te Megen voor drie maanden te sluiten wegens het aantreffen van handelshoeveelheden harddrugs (amfetamine) en softdrugs (hennep) tijdens een politiehuiszoeking op 15 januari 2015. De burgemeester baseerde dit op artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet en het gemeentelijke beleid dat sluiting voorschrijft bij aantreffen van meer dan 0,5 gram harddrugs.
Appellant betwistte dat de drugs van hem waren en stelde dat de hennep slechts afval was en de amfetamine onderdeel van een opgekochte inboedel waarvan hij zich niet bewust was. Ook voerde hij aan dat het beleid onredelijk is omdat het geen waarschuwing bij een eerste constatering van harddrugs toestaat en geen belangenafweging maakt.
De Raad van State oordeelt dat artikel 13b vereist dat de drugs met een bepaalde bestemming aanwezig zijn, namelijk verkoop, aflevering of verstrekking. Gezien de aangetroffen hoeveelheden drugs die de normen voor eigen gebruik ruimschoots overschrijden, is het aannemelijk dat deze bestemd waren voor handel. Appellant heeft dit niet aannemelijk gemaakt. Het beleid is niet onredelijk omdat het voorziet in sluiting bij eerste constatering van handelshoeveelheden harddrugs, maar ook ruimte laat voor minder vergaande maatregelen op grond van bijzondere omstandigheden.
De Raad van State bevestigt daarom het vonnis van de rechtbank Oost-Brabant van 23 november 2015 en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de sluiting van de woning voor drie maanden wegens handelshoeveelheden hard- en softdrugs.