ECLI:NL:RVS:2016:2648
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over handhavingsverzoek kartactiviteiten op Junior Track TT-circuit
Pottendijk verzocht het college van burgemeester en wethouders van Assen om handhavend op te treden tegen het rijden met karts en het houden van kartsraces op de Junior Track van het TT-circuit in Assen. Het college wees dit verzoek af, waarna Pottendijk bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde tegen deze afwijzing. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit van het college en bepaalde dat het college opnieuw moest beslissen.
De stichting Circuit van Drenthe, exploitant van het TT-circuit, stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. Zij voerde aan dat Pottendijk geen belanghebbende zou zijn omdat zij zich op een ander marktsegment en verzorgingsgebied richt dan de stichting. De Raad van State oordeelde echter dat Pottendijk wel belanghebbende is omdat zij in hetzelfde marktsegment en verzorgingsgebied actief is met kartactiviteiten die onderwerp zijn van het handhavingsverzoek.
Verder stelde de stichting dat het verzoek van Pottendijk een herhaalde aanvraag was, maar de Raad van State volgde de rechtbank in de constatering dat het een ingebrekestelling betrof vanwege het niet tijdig beslissen door het college. Het hoger beroep van de stichting werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd uitgesproken door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 5 oktober 2016.
Uitkomst: Het hoger beroep van de stichting wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.