ECLI:NL:RVS:2016:3073
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit tegen bewoning en kantoorgebruik in strijd met bestemmingsplan in Soest
Het college van burgemeester en wethouders van Soest heeft appellanten gelast om het bewonen van een bouwwerk en het gebruik als kantoorruimte op een perceel in Soest te staken, alsmede bouwkundige voorzieningen en bijgebouwen te verwijderen. Appellanten voerden aan dat het gebruik voortgezet mocht worden op grond van overgangsrecht en dat het college niet bevoegd was tot handhaving.
De rechtbank oordeelde dat het gebruik in strijd is met het bestemmingsplan "Landelijk Gebied 1994" en dat het voorgaande bestemmingsplan "Landelijk Gebied 1975" het gebruik voor bewoning niet toestond. Ook stelde de rechtbank dat het gebruik was vergroot door uitbouwen en bijgebouwen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om voorlopige voorziening af.
Appellanten stelden dat de begunstigingstermijn te kort was en dat de rechtbank onterecht bepaalde beroepsgronden buiten beschouwing had gelaten. De Raad van State overwoog dat de begunstigingstermijn passend was en dat de rechtbank terecht gronden buiten beschouwing liet wegens strijd met de goede procesorde.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.