ECLI:NL:RVS:2017:1330
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- A.B.M. Hent
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vaststelling in hoger beroep dat rechtsgevolgen van vernietigde asielbesluiten in stand blijven
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees op 11 januari 2017 de aanvragen van twee vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdelingen gegrond, vernietigde de besluiten en bepaalde dat de staatssecretaris nieuwe besluiten moest nemen. De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
In hoger beroep erkende de staatssecretaris dat de besluiten onzorgvuldig waren voorbereid en ondeugdelijk waren gemotiveerd, maar klaagde dat de rechtbank ten onrechte niet de rechtsgevolgen van de vernietigde besluiten in stand had gelaten. Hij verwees naar rapporten waaruit bleek dat de autoriteiten in Moldavië in het algemeen bescherming bieden, ondanks corruptie.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de vreemdelingen niet aannemelijk hadden gemaakt dat bescherming bij de autoriteiten zinloos was, omdat zij zelf nooit om bescherming hadden gevraagd. De Afdeling vernietigde het vonnis van de rechtbank voor zover die de rechtsgevolgen van de besluiten niet in stand liet en bepaalde dat deze rechtsgevolgen volledig in stand blijven. Tevens veroordeelde zij de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten van €495.
Uitkomst: De rechtsgevolgen van de vernietigde besluiten blijven in stand en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.