ECLI:NL:RVS:2018:1345
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- J.E.M. Polak
- W. Sorgdrager
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering omgevingsvergunning voor vlonders en steigers te Muiden
Appellant vroeg om een omgevingsvergunning voor het legaliseren van twee vlonders/steigers op een perceel te Muiden. Het college weigerde deze vergunning omdat het bouwplan in strijd was met het bestemmingsplan, met name artikel 20.2 dat alleen bepaalde bouwwerken op waterbestemming toestaat. De rechtbank verklaarde de beroepen van appellant ongegrond en de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde dit in hoger beroep.
De Afdeling overwoog dat de besluiten van het college tijdig waren genomen en bekendgemaakt, ondanks dat ze niet aan de gemachtigde van appellant waren gezonden. De afwijkingsbevoegdheid van het college op grond van artikel 20.3.1 werd niet toegepast omdat het gemeentelijke beleid steigers niet toestaat vanwege cultuurhistorische waarden en de omvang van de steigers. Loopplanken worden wel toegestaan, maar de steigers waren te groot en konden als terras gebruikt worden.
Appellant voerde verder aan dat het bouwovergangsrecht van toepassing was en dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden, maar deze argumenten werden verworpen. De Afdeling concludeerde dat het college in redelijkheid tot zijn besluit kon komen en dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat sprake was van gelijke gevallen die ongelijk werden behandeld.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van het college om de omgevingsvergunning te verlenen voor de vlonders en steigers.