ECLI:NL:RVS:2018:1955
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- Rechtspraak.nl
Raad van State tussenuitspraak over onjuiste grondslag omgevingsvergunning voor hotel in rijksmonument
Het college van burgemeester en wethouders van Schiedam verleende op 26 januari 2016 een omgevingsvergunning eerste fase voor het gebruik van een pand, een rijksmonument, als hotel met 17 kamers, in afwijking van het bestemmingsplan "Binnenstad 2014". Deze vergunning werd aangevochten door twee appellanten uit Schiedam, die bezwaar maakten tegen de toepassing van de afwijkingsbevoegdheid in artikel 35.2 van de planregels.
De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde anders. De Afdeling stelde vast dat de afwijkingsbevoegdheid niet voldoende objectief begrensd is en dat het gebruik als hotel een planologisch relevante wijziging van de bestemming inhoudt, omdat het woongebruik niet meer realiseerbaar blijft en het hotel een wezenlijk andere ruimtelijke uitstraling heeft.
De Afdeling concludeerde dat het college de vergunning op een onjuiste grondslag had verleend en dat het besluit in strijd is met artikel 2.12 van de Wabo. Vervolgens gaf de Afdeling aan dat het college de vergunning met toepassing van een andere wettelijke grondslag kan verlenen, waarbij de reguliere procedure gevolgd moet worden vanwege de status van het pand als rijksmonument.
De Afdeling droeg het college op om binnen acht weken het besluit te herstellen door een nieuw besluit te nemen en dit aan de Afdeling mede te delen. In de einduitspraak zal worden beslist over de proceskosten en het griffierecht.
Uitkomst: Het college wordt opgedragen het besluit binnen acht weken te herstellen door een nieuw besluit te nemen op juiste grondslag.