ECLI:NL:RVS:2018:2409
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over oplegging Educatieve Maatregel Gedrag en verkeer door CBR
Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) legde aan wederpartij een Educatieve Maatregel Gedrag en verkeer (EMG) op vanwege vermoedens van rijvaardigheidstekort, gebaseerd op een proces-verbaal van de politie dat rijgedrag met hoge snelheid en slippen op een kruising constateerde.
De rechtbank Den Haag vernietigde dit besluit, stellende dat het CBR onvoldoende zorgvuldig onderzoek had verricht, met name omdat de snelheid niet met geijkt meetinstrument was vastgesteld en de betwisting van wederpartij gemotiveerd was. De rechtbank vond dat één gedraging onvoldoende was voor een EMG.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt echter dat het CBR terecht uitging van de juistheid van het proces-verbaal, dat de snelheid betrouwbaar was vastgesteld met een geijkt voertuig en dat de betwisting van wederpartij onvoldoende gemotiveerd was. De Afdeling vernietigt daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van het CBR ongegrond.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. Hiermee wordt bevestigd dat het CBR bevoegd was en zorgvuldig heeft gehandeld bij de oplegging van de EMG.
Uitkomst: Het hoger beroep van het CBR wordt gegrond verklaard en het beroep tegen het besluit tot oplegging van een EMG wordt ongegrond verklaard.