ECLI:NL:RVS:2018:55
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- B.P. Vermeulen
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Beoordeling sluiting woning wegens hennepkwekerij en proportionaliteit bestuursdwang
De burgemeester van Venlo heeft op grond van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet besloten de woning van appellant sub 1 te sluiten voor negen maanden vanwege de aanwezigheid van een hennepkwekerij in de schuur bij de woning. De politie trof op 20 juli 2016 een niet in werking zijnde hennepkwekerij aan met 209 bloempotten en hennepresten. De burgemeester baseerde zijn besluit op rapporten en processen-verbaal, ondanks dat sommige niet waren ondertekend.
De rechtbank vernietigde het besluit wegens onzorgvuldigheid in de besluitvorming, maar handhaafde de rechtsgevolgen. De burgemeester stelde incidenteel hoger beroep in tegen dit oordeel over de zorgvuldigheid, wat door de Raad van State werd toegewezen. De Raad oordeelde dat de burgemeester terecht de niet-ondertekende processen-verbaal mocht betrekken en dat de ingediende foto’s slechts verduidelijking boden.
Appellant voerde aan dat de kwekerij nooit in werking was en dat derden verantwoordelijk waren, dat een waarschuwing volstond en dat de sluiting disproportioneel was vanwege zijn woonrecht en persoonlijke omstandigheden. De Raad verwierp deze argumenten, oordeelde dat de burgemeester aannemelijk mocht achten dat sprake was van bedrijfsmatige hennepteelt, ook al was de kwekerij niet in werking, en dat de sluiting in overeenstemming was met de beleidsregels en proportioneel was gezien de ernst van de overtreding.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarmee de sluiting van de woning gehandhaafd blijft.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de sluiting van de woning blijft gehandhaafd.