ECLI:NL:RVS:2018:3663
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- A.B.M. Hent
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting woning wegens aanwezigheid harddrugs op grond van artikel 13b Opiumwet
De burgemeester van Venlo heeft op grond van artikel 13b van de Opiumwet een last onder bestuursdwang opgelegd tot sluiting van een woning voor de duur van zes maanden, nadat de politie bij een doorzoeking een aanzienlijke hoeveelheid harddrugs aantrof in de woning en de bijbehorende schuur. De bewoners, appellanten, voerden aan dat alleen de schuur gesloten had mogen worden en dat de sluiting disproportioneel was.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de burgemeester bevoegd was tot sluiting van de gehele woning, aangezien de aangetroffen hoeveelheid drugs de toegestane gebruikshoeveelheid ruim overschreed en de schuur functioneel onderdeel uitmaakte van de woning. Het beleid van de gemeente Venlo, dat een streng 'one strike you’re out' principe hanteert, werd als redelijk beoordeeld.
Verder werd overwogen dat de sluiting niet in strijd is met artikel 8 EVRM Pro, omdat deze noodzakelijk was ter voorkoming van strafbare feiten en bescherming van rechten van anderen. Ook werd bevestigd dat de maatregel een bestuurlijke en geen bestraffende sanctie is, zodat artikel 6 EVRM Pro niet werd geschonden.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank Limburg werd bevestigd. De Afdeling vond geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de sluiting van de woning voor zes maanden wegens aanwezigheid van harddrugs.