ECLI:NL:RVS:2019:2441
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit minister over tagging handafsluiters bij Vopak wegens onvoldoende motivering
Vopak Terminal Eemshaven B.V. werd door de minister verplicht om alle relevante onderdelen van haar installatie, waaronder handafsluiters, te voorzien van duidelijke en robuuste tags ter naleving van artikel 5 van Pro het Besluit risico's zware ongevallen 2015 (Brzo). Deze eis was gebaseerd op artikel 27 van Pro de Arbeidsomstandighedenwet. De rechtbank verklaarde het beroep van Vopak ongegrond, stellende dat het ontbreken van tags het risico op zware ongevallen niet uitsluit.
In hoger beroep betoogde Vopak dat het aanbrengen van tags op niet-veiligheidskritische apparatuur niet noodzakelijk is om zware ongevallen te voorkomen, onderbouwd met een risicobeoordeling en een rapport van Royal HaskoningDHV. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de minister onvoldoende heeft gemotiveerd waarom deze maatregel nodig is, mede omdat Vopak al maatregelen heeft getroffen die ernstige gevaren voor gezondheid en milieu voorkomen.
De Afdeling stelde vast dat het enkele feit van ongecontroleerd uitstromen van benzine of diesel nog geen zwaar ongeval betekent en dat de minister onvoldoende rekening heeft gehouden met het veiligheidsbeleid van Vopak. Daarom werd het besluit vernietigd en werd de minister opgedragen een nieuw besluit te nemen met een gedegen motivering, waarbij ook het rapport van Royal HaskoningDHV moet worden betrokken. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit van de minister om Vopak te verplichten handafsluiters te voorzien van tags wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering.