ECLI:NL:RVS:2024:4226
Raad van State
- Hoger beroep
- E.J. Daalder
- H.G. Sevenster
- B.P. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit over onafhankelijke overvulbeveiliging bij opslag ethanol
NWB exploiteert een opslaglocatie voor brandbare vloeistoffen waaronder ethanol aan de Moezelhavenweg 10 te Amsterdam. De staatssecretaris stelde in 2016 acht eisen om overtredingen van de Arbowet en het Brzo te herstellen, waaronder eis 4 over het aanbrengen van een onafhankelijke overvulbeveiliging (OOB) op de opslagtanks.
De rechtbank vernietigde in 2021 het besluit van 11 oktober 2019 voor zover eis 4 in stand bleef, omdat de minister onvoldoende had gemotiveerd waarom naast de reeds getroffen maatregelen nog een OOB noodzakelijk was. De minister stelde hoger beroep in en betoogde dat de rechtbank de definitie van 'zwaar ongeval' onjuist had toegepast en dat het vrijkomen van ethanol al een zwaar ongeval vormt.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat het besluit onvoldoende gemotiveerd was. De Afdeling verduidelijkt dat het begrip 'zwaar ongeval' niet per definitie samenvalt met het begrip 'ramp' en dat het enkele vrijkomen van ethanol niet automatisch ernstig gevaar inhoudt. Tevens is het aan de exploitant om te bepalen welke maatregelen noodzakelijk zijn, en de minister moet bij het opleggen van eisen ingaan op reeds getroffen maatregelen.
De Afdeling bevestigt het vernietigde besluit en wijst het hoger beroep van de minister af. De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. De uitspraak benadrukt het belang van een gedegen motivering bij het opleggen van veiligheidsmaatregelen en de rol van het preventiebeleid en veiligheidsbeheerssysteem van de exploitant.
Uitkomst: De Afdeling bevestigt de vernietiging van het besluit over eis 4 en wijst het hoger beroep van de minister af.