ECLI:NL:RVS:2019:3836
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- R. Uylenburg
- G.T.J.M. Jurgens
- A. ten Veen
- Rechtspraak.nl
Raad van State tussenuitspraak over inpassings- en exploitatieplan Logistiek Park Moerdijk met nadruk op Natura 2000 en stikstofdepositie
Provinciale staten van Noord-Brabant stelden het inpassings- en exploitatieplan Logistiek Park Moerdijk vast, gericht op de ontwikkeling van een grootschalig logistiek bedrijventerrein. Diverse appellanten, waaronder bewoners en milieuorganisaties, stelden beroep in tegen dit besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde het geschil en oordeelde over ontvankelijkheid en inhoudelijke bezwaren.
Het beroep van appellant sub 1 werd niet-ontvankelijk verklaard omdat hij geen beroep had ingesteld tegen het eerdere vernietigde exploitatieplan en niet aannemelijk was dat hij door het nieuwe besluit in een nadeliger positie was gekomen. Het beroep van appellant sub 2 werd ongegrond verklaard; eerdere bezwaren tegen het plan waren reeds behandeld en er waren geen nieuwe omstandigheden.
De milieuorganisaties SBBM en VMM richtten zich tegen het inpassingsplan vanwege vermeende tekortkomingen in de toetsing aan de ladder voor duurzame verstedelijking, het principe van zorgvuldig ruimtegebruik en vooral de effecten op Natura 2000-gebieden. De Raad concludeerde dat het plan niet voldeed aan de eisen van de Natuurbeschermingswet 1998 omdat de passende beoordeling onvoldoende zekerheid bood dat stikstofdepositie de natuurlijke kenmerken van Natura 2000-gebieden niet zou aantasten. De verwijzing naar de passende beoordeling van het Programma Aanpak Stikstof (PAS) was onjuist, en de nieuwe passende beoordeling voldeed niet omdat deze onjuiste aannames over autonome stikstofdaling en mitigerende maatregelen bevatte.
De Raad pastte een bestuurlijke lus toe en droeg provinciale staten op binnen 26 weken de gebreken te herstellen met een nieuwe passende beoordeling en eventueel een ADC-toets. De uitspraak is een tussenuitspraak, waarbij het beroep van SBBM en VMM wordt voortgezet na herstel.
Uitkomst: Beroep appellant sub 1 niet-ontvankelijk, beroep appellant sub 2 ongegrond, bestuurlijke lus opgelegd voor herstel stikstofgerelateerde gebreken.