ECLI:NL:RVS:2019:4287
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- N. Verheij
- E.J. Daalder
- Rechtspraak.nl
Vaststelling planschade en proceskostenvergoeding na wijziging bestemmingsplan Bergen
In deze zaak gaat het om het verzoek van appellant sub 1 om tegemoetkoming in planschade als gevolg van het nieuwe bestemmingsplan 'Bergen, Dorpskern Zuid'. Het college wees dit verzoek af op basis van een advies van Ten Have Advies, waarna bezwaar en beroep volgden. De rechtbank vernietigde het besluit op bezwaar en gaf het college opdracht tot een nieuw besluit, maar stelde ook vast dat er dwangsommen waren verbeurd wegens niet tijdig beslissen.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft in hoger beroep het oordeel van de rechtbank deels vernietigd. De Afdeling oordeelde dat het college terecht dwangsommen heeft vastgesteld en dat Ten Have als deskundige kon worden beschouwd, maar dat het college zich niet volledig op het advies van Ten Have mocht baseren zonder nadere onderzoek naar de mogelijkheid van een tweede woning onder het oude Uitbreidingsplan. De Afdeling benoemde de StAB als deskundige voor nader onderzoek.
De StAB concludeerde dat er sprake is van een planschade van € 25.000,00, die binnen het normaal maatschappelijk risico valt. De Afdeling volgde deze conclusie en oordeelde dat het nieuwe bestemmingsplan een normale maatschappelijke ontwikkeling betreft. Verder stelde de Afdeling de proceskostenvergoedingen vast en veroordeelde het college tot betaling daarvan aan appellant sub 1. De uitspraak van de rechtbank werd voor een deel vernietigd en voor het overige bevestigd.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt delen van de uitspraak rechtbank, bevestigt beperkte planschade binnen normaal maatschappelijk risico en veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten.