ECLI:NL:RVS:2019:4375
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- A.W.M. Bijloos
- A. Kuijer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging digitale ondertekening van rechtbankuitspraken conform wettelijke eisen
In deze zaak is het hoger beroep van een vreemdeling tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag behandeld, waarin de vreemdeling bezwaar maakte tegen de digitale ondertekening van de uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State toetste de aangepaste werkwijze van de rechtbank bij het digitaal ondertekenen van uitspraken, waarbij gebruik wordt gemaakt van tweefactorauthenticatie.
De rechtbank Den Haag hanteert een systeem waarbij ondertekenaars zich authenticeren met een gebruikersnaam en wachtwoord en vervolgens met een code gegenereerd door een applicatie op een geregistreerde mobiele telefoon of tablet. Dit voldoet aan de eisen van artikel 3 van Pro het Besluit digitalisering burgerlijk procesrecht en bestuursprocesrecht. Ook de eisen van artikel 5, die betrekking hebben op de validering van digitaal ondertekende uitspraken, worden nageleefd.
De Afdeling concludeert dat de werkwijze van de rechtbank voldoet aan de wettelijke eisen en dat het gewaarmerkte afschrift van de uitspraak betrouwbaar is. De overige grieven van de vreemdeling leiden niet tot vernietiging van de uitspraak. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.