ECLI:NL:RVS:2020:1000
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- A.W.M. Bijloos
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing machtiging voorlopig verblijf vreemdeling
De vreemdeling, met Sierra Leoonse nationaliteit, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis bij haar tante en pleegmoeder, de referent. De staatssecretaris wees dit verzoek af wegens onvoldoende bewijs van de identiteit van haar biologische ouders, het ontbreken van toestemmingsverklaringen en onvoldoende aannemelijkheid van het pleegouderschap.
De rechtbank had het besluit van de staatssecretaris vernietigd wegens onzorgvuldige voorbereiding en ondeugdelijke motivering, stellende dat de vreemdeling substantieel bewijs had geleverd van haar familierelatie en dat nader onderzoek had moeten plaatsvinden.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelt echter dat de rechtbank ten onrechte niet heeft meegewogen dat de vreemdeling onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt waarom zij geen toestemmingsverklaringen kan overleggen en dat de staatssecretaris het besluit deugdelijk heeft gemotiveerd. De Afdeling wijst op eerdere jurisprudentie en benadrukt dat de vreemdeling geen substantieel bewijs heeft geleverd van haar stellingen.
Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.