ECLI:NL:RVS:2020:3081
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- C.M. Wissels
- H.J.M. Baldinger
- Rechtspraak.nl
Bevestiging tijdelijke ligplaatsvergunning voor bedrijfsvaartuig wegens schaarste
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam verleende aan de Rederij een ligplaatsvergunning voor een bedrijfsvaartuig voor een periode van drie jaar, vanwege de schaarste aan ligplaatsen in het vergunningengebied. De Rederij betwistte deze schaarste en stelde dat de vergunning onterecht tijdelijk was toegekend, verwijzend naar beleidsdocumenten die vergunningen voor onbepaalde tijd voorschrijven.
De rechtbank verklaarde het beroep van de Rederij ongegrond, waarna de Rederij hoger beroep instelde bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde het oordeel van de rechtbank. De Raad oordeelde dat het college terecht uitging van schaarste, zowel fysiek als beleidsmatig, en dat tijdelijke vergunningverlening passend is om ruimte te bieden aan meerdere gegadigden.
Verder verwierp de Raad het beroep op het rechtszekerheidsbeginsel en het eigendomsrecht, omdat de vergunningverlening binnen het geldende wettelijke kader plaatsvond en geen sprake was van ontneming van eigendom. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de tijdelijke ligplaatsvergunning wegens schaarste en wijst het hoger beroep van de Rederij af.