ECLI:NL:RVS:2020:43
Raad van State
- Rechtspraak.nl
Beslissing over verzoek tot geheimhouding van stukken in hoger beroep tegen minister
De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam en verzocht de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State om geheimhouding van een aantal stukken die in het hoger beroep zijn overgelegd.
De minister stelde dat de stukken commerciële, operationele en tactische bedrijfsgegevens bevatten waarvan openbaarmaking disproportionele schade aan betrokken bedrijven zou toebrengen. Greenpeace betwistte dit en stelde dat de stukken op de zaak betrekking hebbende stukken zijn waarover partijen gelijkelijk moeten kunnen beschikken.
De Afdeling oordeelde dat het beroep van de minister op geheimhouding niet gerechtvaardigd is, mede omdat vergelijkbare stukken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) reeds deels openbaar zijn gemaakt. De Afdeling bepaalde dat de stukken deels in ongeschoonde en deels in geschoonde vorm aan Greenpeace moeten worden verstrekt en dat de minister binnen tien dagen daartoe moet overgaan.
De Afdeling wees het verzoek van de minister tot volledige geheimhouding af en benadrukte het belang van transparantie en gelijke informatievoorziening in bestuursrechtelijke procedures.
Uitkomst: Het verzoek van de minister tot geheimhouding van stukken wordt afgewezen en de stukken moeten deels ongeschoond en deels geschoond aan Greenpeace worden verstrekt.