ECLI:NL:RVS:2022:1753
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing persoonlijke betalingsregeling huurtoeslag terugvordering
De appellant heeft verzocht om een persoonlijke betalingsregeling om de terugvordering van teveel ontvangen huurtoeslag over 2013 en 2014 terug te betalen. De Belastingdienst/Toeslagen verleende uitstel van betaling met een standaardregeling van 24 maanden tegen een maandbedrag van €195,-. De appellant betwistte de hoogte van de betalingscapaciteit die de dienst hanteerde.
De rechtbank Rotterdam oordeelde dat de Belastingdienst/Toeslagen de betalingscapaciteit correct had vastgesteld op €417,- per maand en dat de standaardregeling passend was. De rechtbank verwierp het beroep van de appellant, onder meer omdat de normbedragen voor woonlasten en zorgpremie limitatief zijn voorgeschreven en niet alle feitelijke uitgaven kunnen worden meegenomen.
In hoger beroep bevestigde de Raad van State deze beoordeling. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de dienst binnen haar beoordelingsruimte heeft gehandeld en dat geen bijzondere omstandigheden waren die een afwijking van de standaardregeling rechtvaardigen. Het beroep van de appellant werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de standaardbetalingsregeling van 24 maanden met maandelijkse betaling van €195,- wordt bevestigd.