ECLI:NL:RVS:2022:67
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verklaring van rijgeschiktheid wegens alcoholmisbruik
Appellant heeft op 2 januari 2019 een aanvraag ingediend bij het CBR voor een verklaring van rijgeschiktheid voor meerdere rijbewijscategorieën. Op basis van zijn gezondheidsverklaring en een bedrijfsartsverslag werd nader medisch onderzoek ingesteld. Psychiater N. Gerrits-Bayat stelde op 12 maart 2019 de diagnose alcoholmisbruik vast, gebaseerd op een verhoogde CDT-waarde en voorgeschiedenis. Appellant verzocht om een herkeuring, die op 31 mei 2019 plaatsvond. Herkeurend psychiater S. Hepark constateerde geen afwijkingen bij laboratoriumonderzoek, maar bevestigde de eerdere diagnose vanwege het ontbreken van een recidiefvrije periode van twaalf maanden.
Het CBR wees het verzoek van appellant op 6 augustus 2019 af, gehandhaafd bij besluit van 28 januari 2020. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond. Appellant stelde in hoger beroep onder meer dat er geen relatie was tussen alcoholmisbruik en verkeersdeelname en dat het besluit onzorgvuldig was. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het CBR terecht medisch onderzoek heeft laten verrichten en dat de diagnose alcoholmisbruik, ondersteund door laboratoriumresultaten en medische rapporten, voldoende grond bood voor afwijzing.
De Afdeling verwierp het betoog dat de herkeuring de eerdere diagnose betekenisloos maakte. Ook was de stelling dat medicatie de verhoogde CDT-waarde veroorzaakte onvoldoende onderbouwd. De Afdeling bevestigde dat appellant het CBR opnieuw kan verzoeken om een verklaring zodra de recidiefvrije periode van twaalf maanden is verstreken. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het CBR hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verklaring van rijgeschiktheid wordt bevestigd.