ECLI:NL:RVS:2023:1140
Raad van State
- Hoger beroep
- H.C.P. Venema
- J.M.L. Niederer
- C.H. Bangma
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting woning wegens handel en productie van harddrugs
De burgemeester van Noardeast-Fryslân heeft bij besluit van 7 juli 2020 de woning van appellant voor zes maanden gesloten vanwege de aantijging van bezit, productie en handel in harddrugs. Uit een bestuurlijke rapportage bleek dat appellant GHB produceerde en amfetamine verhandelde vanuit de woning, waarbij diverse druggerelateerde middelen werden aangetroffen.
Appellant stelde dat de burgemeester niet bevoegd was tot sluiting, dat er geen handel was en dat de maatregel niet noodzakelijk noch evenredig was. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de burgemeester bevoegd was op grond van artikel 13b Opiumwet, gezien de ruime overschrijding van de gebruikershoeveelheid harddrugs en de aanwezigheid van productiemiddelen. De sluiting was noodzakelijk ter bescherming van het woon- en leefklimaat en de openbare orde. Ook was de duur van zes maanden evenwichtig, ondanks de nadelige gevolgen voor appellant.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De sluiting van de woning voor zes maanden wordt bevestigd en het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard.