ECLI:NL:RVS:2024:2135
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens misbruik Wob-verzoek inzake verkeersboete
TCA verzocht op 7 augustus 2018 om openbaarmaking van documenten op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) naar aanleiding van een verkeersboete wegens parkeren op een invalideparkeerplaats. Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam wees dit verzoek af, deels omdat het verzoek niet onder de Wob viel, deels wegens misbruik van recht. De rechtbank verklaarde het beroep van TCA niet-ontvankelijk omdat TCA geen procesbelang had, aangezien een inhoudelijk identiek verzoek al eerder was behandeld.
In hoger beroep stelde TCA dat de rechtbank ten onrechte het beroep niet-ontvankelijk had verklaard en dat het verzoek op een ander tijdstip was ingediend naar aanleiding van een andere verkeersboete. Tevens verzocht TCA om een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat het indienen van een Wob-verzoek niet misbruikt mag worden en dat TCA met haar verzoek misbruik maakte van deze bevoegdheid. Dit misbruik strekt zich ook uit tot het hoger beroep, waardoor dit niet-ontvankelijk is. Het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn werd eveneens afgewezen omdat er geen sprake is van frustratie die vergoeding rechtvaardigt.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk en wees het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het hoger beroep van TCA wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van bevoegdheid en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.