ECLI:NL:RVS:2024:94
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtmatigheid bewaring vreemdeling en afwijzing schadevergoeding
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde de vreemdeling bij besluit van 29 mei 2023 in bewaring. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 24 juli 2023 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze oordeelde dat het hoger beroep niet tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank leidt, mede omdat het hogerberoepschrift geen nieuwe rechtsvragen bevat die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming.
De Afdeling bevestigde dat het gebruik van een tolk niet noodzakelijk was omdat de vreemdeling en de verbalisant beiden voldoende Engels spraken. Ook werd ambtshalve geen reden gezien om de bewaring onrechtmatig te achten. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De bewaring van de vreemdeling is rechtmatig en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.