ECLI:NL:RVS:2025:1802
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing naturalisatieverzoek wegens verblijfsgaten en gevaar voor openbare orde
Appellant, met de Angolese nationaliteit, verzocht op 20 oktober 2021 om het Nederlanderschap. De staatssecretaris wees dit verzoek af op grond van artikel 8 RWN Pro vanwege twee verblijfsgaten in 2020 en 2021, waardoor niet voldaan werd aan de vereiste onafgebroken toelating en hoofdverblijf. Daarnaast werd het verzoek afgewezen op grond van artikel 9 RWN Pro vanwege ernstige vermoedens dat appellant een gevaar vormt voor de openbare orde, gebaseerd op een eerdere veroordeling voor rijden onder invloed.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Appellant voerde aan dat de verblijfsgaten het gevolg waren van een misverstand en dat de straf niet tot afwijzing mocht leiden omdat het een eenmalige fout betrof.
De Afdeling oordeelde dat de verblijfsgaten terecht waren vastgesteld en dat de staatssecretaris niet hoefde af te wijken van artikel 8 RWN Pro. Tevens werd geoordeeld dat de ontzegging van de rijbevoegdheid niet tot afwijzing mag leiden, maar dat de opgelegde voorwaardelijke geldboete van € 1.000,- wel een voldoende grond is voor afwijzing op grond van artikel 9 RWN Pro. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het naturalisatieverzoek bevestigd.