ECLI:NL:RVS:2025:3076
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- Rechtspraak.nl
Raad van State tussenuitspraak over bestemmingsplan Parkhaven Rotterdam met woningbouw en groeninrichting
De raad van de gemeente Rotterdam stelde op 2 februari 2023 het bestemmingsplan Parkhaven vast, dat de bouw van 650 woningen in acht woontorens mogelijk maakt, met bouwhoogtes van 26 tot 70 meter, inclusief ondergrondse parkeergarages en ruimte voor horeca, leisure en kantoren. Diverse ondernemers, stichtingen, natuurlijke personen en een bewonersorganisatie stelden beroep in tegen het plan vanwege zorgen over bereikbaarheid, verkeershinder en aantasting van cultuurhistorische waarden zoals de Euromast.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde de beroepen en oordeelde dat het bestemmingsplan op verschillende punten nadere uitwerking en borging vereist, met name voor de hoogwaardige groene inrichting van het plangebied die essentieel is voor het behoud van cultuurhistorische waarden. Deze borging ontbreekt in de planregels, waardoor een publiekrechtelijke waarborg ontbreekt. De Afdeling verduidelijkt ook wanneer een voorwaardelijke verplichting in planregels noodzakelijk is.
Verder werden diverse bezwaren inhoudelijk beoordeeld, waaronder de ruimtelijke kwaliteit, de woningbehoefte, alternatieve locaties, en de effecten op rijksmonumenten. De Afdeling verklaarde het beroep van appellant 9 ongegrond wegens gebrek aan belang vanwege de afstand tot het plangebied. Andere beroepsgronden werden afgewezen of deels toegewezen, met een tussenuitspraak voor de meeste appellanten, behalve appellant 9 voor wie het een einduitspraak betreft.
De Afdeling benadrukt dat de raad voldoende motivering moet geven bij het afwijken van negatieve adviezen, zoals van de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed, en dat de planregels de noodzakelijke groene inrichting moeten waarborgen om de ruimtelijke kwaliteit en monumentale waarden te beschermen. De uitspraak bevat een uitgebreide analyse van de procedure, toetsingskader, en de diverse beroepsgronden.
Uitkomst: Tussenuitspraak waarbij het beroep van appellant 9 ongegrond wordt verklaard en de raad wordt opgedragen de planregels aan te passen voor borging van de groene inrichting.