ECLI:NL:RVS:2025:875
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake openbaarmaking documenten coronabeleid op grond van de Wet open overheid
Appellant verzocht de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport op grond van de Wet open overheid om openbaarmaking van documenten over het coronabeleid van januari 2020 tot juli 2022. Na het uitblijven van een besluit stelde appellant meerdere keren beroep in bij de rechtbank, die de minister dwangsommen oplegde en bepaalde termijnen stelde voor besluitvorming.
De minister nam uiteindelijk op 24 oktober 2024 een besluit. Appellant stelde hoger beroep in tegen de uitspraak van de rechtbank over de dwangsom en het niet tijdig nemen van een besluit. De Afdeling oordeelt dat appellant geen belang meer heeft bij inhoudelijke beoordeling van het hoger beroep en verklaart dit en het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk.
Het beroep tegen het besluit van 24 oktober 2024 wordt van rechtswege verwezen naar de minister voor behandeling als bezwaar, omdat een inhoudelijke bespreking nog niet heeft plaatsgevonden. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden, maar moet het betaalde griffierecht aan appellant vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep en het beroep tegen het niet tijdig beslissen worden niet-ontvankelijk verklaard; het beroep tegen het besluit wordt verwezen naar de minister.