ECLI:NL:RVS:2026:815
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- M. Soffers
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing machtiging voorlopig verblijf wegens onvoldoende motivering afhankelijkheid en belangenafweging
Betrokkene, een Turkse staatsburger met een aangeboren handicap die 24 uur per dag zorg nodig heeft, vroeg een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) aan als familielid van zijn vader (referent) die in Nederland woont. De minister wees de aanvraag af omdat er volgens haar geen beschermingswaardig familie- en gezinsleven in de zin van artikel 8 EVRM Pro bestond. De rechtbank vernietigde deze afwijzing wegens onvoldoende motivering over de afhankelijkheid en belangenafweging.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelt dat de rechtbank onjuiste feiten heeft aangenomen, zoals dat de moeder van betrokkene de zorg niet meer kan verlenen en dat de referent meerdere keren per jaar langere periodes in Turkije verblijft. De minister heeft terecht betwist dat de zorg door de moeder niet kan worden voortgezet en dat de referent slechts korte bezoeken brengt. De Afdeling oordeelt dat de minister het ontbreken van exclusieve afhankelijkheid mag meewegen, mits dit niet doorslaggevend is.
Verder is de vertrouwensband tussen betrokkene en referent wel erkend, maar leidt deze niet tot bijkomende elementen van afhankelijkheid. De rechtbank heeft ten onrechte de bewijslast omgedraaid over de beschikbaarheid van adequate zorg in Turkije. De Afdeling vernietigt daarom de uitspraak van de rechtbank, verklaart het hoger beroep gegrond, maar verklaart het beroep tegen het besluit van 26 april 2023 ongegrond. Het besluit van 5 november 2025 wordt eveneens vernietigd omdat de grondslag is komen te vervallen.
Uitkomst: Hoger beroep gegrond verklaard, uitspraak rechtbank vernietigd, beroep tegen besluit 26 april 2023 ongegrond, besluit 5 november 2025 vernietigd.