ECLI:NL:CBB:2003:AN8953
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- B. Verwayen
- M.A. Fierstra
- J.L.W. Aerts
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen tuchtbeslissing raad van tucht registeraccountants afgewezen wegens tijdsverloop
In deze zaak hebben A en B beroep ingesteld tegen beslissingen van de raad van tucht voor registeraccountants te Amsterdam. B diende op 27 november 2000 een klacht in tegen A over gedragingen uit 1992 en 1993. De raad van tucht wees de klacht ongegrond op 26 juni 2002. A stelde incidenteel beroep in tegen een eerdere tussenbeslissing van 15 oktober 2001.
Het College oordeelde dat A geen beroep kon instellen tegen de ongegrondverklaring van de klacht omdat deze niet geheel of gedeeltelijk gegrond was verklaard. Het beroep van A werd daarom niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep van B werd inhoudelijk beoordeeld op het verweer van tijdsverloop.
Het College stelde vast dat het tijdsverloop tussen de gedragingen en het indienen van de klacht ruim zeven tot acht jaar bedroeg. Dit werd als onaanvaardbaar beschouwd, mede omdat B al in 1993 en 1994 beschikte over de rapporten en verklaringen waarop de klacht was gebaseerd. Het afwachten van civiele procedures rechtvaardigde het lange wachten niet. Daarom werd het beroep van B verworpen en bleef de klacht ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van A is niet-ontvankelijk verklaard en het beroep van B is verworpen wegens onaanvaardbaar tijdsverloop.