ECLI:NL:CBB:2007:BB9363
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- J.A. Hagen
- H.A.B. van Dorst-Tatomir
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van vergunningverlening en afwijzing compensatieclaim Radio 538 na zero base-verdeling frequenties
In deze zaak heeft Radio 538 hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam die haar beroep tegen een ministerieel besluit ongegrond verklaarde. De kern van het geschil betrof de herverdeling van landelijke commerciële radiofrequenties in 2003 via een zero base-verdeling, waarbij Radio 538 een andere frequentie (kavel A6) kreeg toegewezen dan de oude (kavel A1). Radio 538 stelde dat zij door deze wijziging haar opgebouwde goodwill, verbonden aan de oude frequentie, was kwijtgeraakt en dat zij onredelijk hoge kosten had moeten maken voor de verhuizing en het informeren van luisteraars.
Het College overwoog dat de goodwill vooral verbonden is aan het radiostation zelf en niet aan de frequentie. Radio 538 had haar luisteraars op de nieuwe frequentie binnen afzienbare tijd teruggevonden en was zelfs marktleider geworden. De procedure van verdeling met een financieel bod is inherent aan het systeem en niet onrechtmatig. Bovendien was voor Radio 538 al jaren duidelijk dat de vergunningen zouden worden herverdeeld, waardoor de kosten en onzekerheden binnen het ondernemersrisico vielen.
Verder oordeelde het College dat er geen sprake was van een onrechtmatige ontneming van eigendom, maar van een regulering van eigendom in het algemeen belang, conform artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM. De procedure was transparant, objectief en niet discriminerend, en diende het belang van pluriformiteit in de radio-omroepmarkt. Het beroep van Radio 538 werd dan ook geheel ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van Radio 538 wordt afgewezen en de vergunningverlening wordt bevestigd zonder compensatie voor verlies van goodwill of verhuiskosten.