ECLI:NL:CBB:2018:464
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing uitbetaling GLB-betalingen wegens niet voldoen aan inschrijvingseis actieve landbouwer
Appellante verzocht om uitbetaling van basis- en vergroeningsbetalingen voor 2016 onder het GLB, maar verweerder wees dit af omdat zij niet als actieve landbouwer werd aangemerkt. De kern van het geschil betrof de inschrijving in het handelsregister van de Kamer van Koophandel (KvK) op de peildatum 15 mei 2016. Appellante stond toen ingeschreven met een nevenactiviteit landbouw, niet als hoofdactiviteit.
Volgens de Uitvoeringsregeling rechtstreekse betalingen GLB moet een landbouwer uiterlijk op 15 mei met een landbouwactiviteit als hoofdactiviteit in het handelsregister staan ingeschreven om in aanmerking te komen voor betalingen. Appellante had geen accountantsverklaring overgelegd waarmee zij kon aantonen dat landbouwactiviteiten een belangrijk deel van haar economische activiteiten vormden, wat een alternatieve route is.
Appellante voerde aan dat zij feitelijk al jaren een landbouwbedrijf met verbrede landbouw exploiteert en dat de administratieve inschrijving niet de werkelijke situatie weerspiegelt. Het College oordeelde echter dat de inschrijving in het handelsregister bepalend is en dat het niet mogelijk is de inschrijving met terugwerkende kracht te corrigeren voor de peildatum. De eis van tijdige correcte inschrijving is kenbaar en werd door verweerder ook expliciet onder de aandacht gebracht.
Het College concludeerde dat verweerder terecht het verzoek tot uitbetaling heeft afgewezen en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat appellante niet voldeed aan de inschrijvingseis voor actieve landbouwer op de peildatum.