Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
uitspraak van de meervoudige kamer van 9 juni 2026 op het hoger beroep van
[naam 1] B.V., te [vestigingsplaats] ( [naam 1] )
de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
de Staat der Nederlanden (minister van Justitie en Veiligheid) (de Staat)
Procesverloop in hoger beroep
Waar gaat deze zaak over
Wettelijk kader
Uitspraak van de rechtbank
Vallen de uitingen door eiseres onder de definitie van 'reclame'?
eigenproduct. Anders dan eiseres dit uitlegt, onderschrijft de overweging in een eerdere uitspraak van de rechtbank dat de definitie van ‘reclame’ in artikel 1 van Pro de Trw niet als eis stelt dat een eigen product of merk bij naam of met een ander onderscheidend kenmerk wordt genoemd, niet haar opvatting dat het bij reclame (altijd) moet gaan om bekendheid geven aan
eigenproducten. In die zaak ging het om een eigen product waarvan de merknaam in de advertentie niet werd genoemd (uitspraak van 12 oktober 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:9962, onder 6). Met de staatssecretaris is de rechtbank verder van oordeel dat de passage uit de wetsgeschiedenis waar eiseres zich in dit verband op beroept moet worden gelezen in de context van de detectiekans.
Beoordeling van het hoger beroep
Beslissing
- vernietigt de uitspraak van de rechtbank voor zover het de hoogte van de boete voor de twitterberichten betreft;
- verklaart het bij de rechtbank ingestelde beroep van [naam 1] tegen het bestreden besluit van 7 november 2022 gegrond;
- vernietigt dit besluit wat betreft de hoogte van de opgelegde boete voor de twitterberichten;
- herroept het boetebesluit van 24 september 2021 voor de twitterberichten en stelt de boete voor de twitterberichten vast op € 40.500,-;
- bepaalt dat deze uitspraak in zoverre in de plaats komt van het bestreden besluit;
- draagt de minister op het betaalde griffierecht van € 559,- aan [naam 1] te vergoeden;
- veroordeelt de Staat in de proceskosten van [naam 1] tot een bedrag van € 934,-.
Bijlage
reclame:elke handeling in de economische sfeer met als doel de verkoop van tabaksproducten en aanverwante producten te bevorderen en elke vorm van commerciële mededeling die het bekendheid geven aan of het aanprijzen van een tabaksproduct of aanverwant product tot doel dan wel rechtstreeks of onrechtstreeks tot gevolg heeft, met inbegrip van reclame waarmee, zonder het tabaksproduct of aanverwant product rechtstreeks te noemen, wordt getracht het reclameverbod te omzeilen door gebruik te maken van een naam, merk, symbool of enig ander onderscheidend teken van een tabaksproduct of aanverwant product;
- € 135.000 indien de natuurlijke persoon aan wie of de rechtspersoon waaraan de overtreding kan worden toegerekend voor een soortgelijke overtreding eerder is beboet en er nog geen twee jaar zijn verlopen sinds die eerdere bestuurlijke boete onherroepelijk is geworden;
- € 225.000 indien binnen drie jaar na het onherroepelijk worden van de bestuurlijke boete voor de eerste overtreding, een soortgelijke overtreding voor de derde maal wordt begaan; en
- € 450.000 indien binnen vijf jaar na het onherroepelijk worden van de bestuurlijke boete voor de eerste overtreding, een soortgelijke overtreding voor de vierde maal wordt begaan.