ECLI:NL:CRVB:1998:AA8749
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- H. Bolt
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep verklaart zich onbevoegd in hoger beroep tegen afwijzing herzieningsverzoek AAW/WAO
Appellant heeft bij de rechtbank een verzoek ingediend tot herziening van een eerdere uitspraak over zijn uitkeringen op grond van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW) en de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO). De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat het beroepschrift niet de vereiste gronden bevatte en appellant deze tekortkoming niet binnen de gestelde termijn herstelde.
Appellant stelde vervolgens verzet in tegen deze niet-ontvankelijkverklaring, maar ook dit verzet werd door de rechtbank ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak stelde appellant hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat het karakter van het rechtsmiddel herziening zodanig is dat tegen de beslissing op een verzoek om herziening niet het gewone rechtsmiddel van hoger beroep openstaat. De Raad verklaart zich daarom onbevoegd om van het hoger beroep kennis te nemen en wijst het beroep af. Er zijn geen gronden aanwezig voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het hoger beroep tegen de afwijzing van het herzieningsverzoek.