ECLI:NL:CRVB:2003:AF7494
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Beoordeling maatmaninkomen bij toekenning WAZ-uitkering na schadeloosstelling
Gedaagde, een zelfstandig vrachtwagenchauffeur, werd arbeidsongeschikt na een ongeval in maart 1997. In de drie jaren voorafgaand aan zijn arbeidsongeschiktheid behaalde hij wisselende nettowinstcijfers, waarbij in 1995 een schadeloosstelling van ƒ 100.000,- was inbegrepen wegens het wegvallen van een langdurige overeenkomst. Gedaagde koos ervoor deze schadeloosstelling volledig toe te rekenen aan 1995, een keuze die ook door de fiscus werd geaccepteerd.
Appellant, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, weigerde aanvankelijk een WAZ-uitkering toe te kennen, maar na bezwaar werd de schadeloosstelling over meerdere jaren gespreid toegerekend. De rechtbank vernietigde dit besluit en rekende de schadeloosstelling toe aan 1995 en 1996. In hoger beroep stelt appellant dat spreiding over meerdere jaren correct is, terwijl gedaagde vasthoudt aan volledige toerekening aan 1995.
De Raad oordeelt dat de door gedaagde gemaakte en fiscaal geaccepteerde keuze doorslaggevend is, omdat er geen bijzondere omstandigheden zijn om hiervan af te wijken. De schadeloosstelling wordt beschouwd als een uitschieter in 1995, passend binnen de normale schommelingen van winst bij zelfstandigen. De Raad bevestigt de vernietiging van het bestreden besluit, zij het op andere gronden, en beveelt een nieuw besluit op bezwaar. Tevens wordt appellant veroordeeld tot betaling van proceskosten en een recht geheven.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en appellant wordt opgedragen een nieuw besluit op bezwaar te nemen met inachtneming van deze uitspraak.