ECLI:NL:CRVB:2003:AM3202
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Ch. de Vrey
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek tot herziening bijstandsbesluit zonder nieuwe feiten of omstandigheden
Appellanten hebben bijstand ontvangen die definitief werd vastgesteld op een bedrag van f 15.273,51, met een terugvordering van f 10.291,33 als geldlening. Zij maakten geen bezwaar tegen het besluit van 25 mei 1998, maar verzochten later alsnog heroverweging. Dit verzoek was gericht op terugkomen van een onherroepelijk besluit zonder dat nieuwe feiten of veranderde omstandigheden werden aangevoerd.
De gemeente handhaafde het oorspronkelijke besluit en verklaarde de bezwaren ongegrond. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze besluiten eveneens ongegrond. Appellanten gingen hiertegen in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad overwoog dat op grond van artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) voor een verzoek tot herziening van een eerder genomen besluit nieuwe feiten of veranderde omstandigheden moeten worden vermeld. Bij het ontbreken daarvan mag het bestuursorgaan het verzoek zonder nader onderzoek afwijzen. De Raad oordeelde dat de gemeente bevoegd was het verzoek af te wijzen en dat zij daarbij niet in strijd handelde met rechtsregels of algemene rechtsbeginselen.
De Raad bevestigde het bestreden vonnis en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door de Centrale Raad van Beroep op 21 oktober 2003.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van het bijstandsbesluit wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.