ECLI:NL:CRVB:2007:BA0866
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- H.G. Rottier
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verzekerbaarheid psychische klachten bij herziening WAO-uitkering
Appellant, een voormalig metaalarbeider, ontving sinds 1982 een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid na een verkeersongeval. Na diverse herzieningen en procedures werd de uitkering in 2001 ongewijzigd voortgezet op basis van een arbeidsongeschiktheid van 15 tot 25%. Appellant stelde dat zijn psychische klachten, die na de oorspronkelijke toekenning waren ontstaan, wel degelijk verzekerd moesten worden en dat het UWV ten onrechte een lager opleidingsniveau en maatmanloon hanteerde.
De rechtbank had eerder geoordeeld dat psychische klachten niet verzekerd zijn volgens artikel 37 lid 2 WAO Pro en dat appellant over voldoende opleidingsniveau beschikte om de geduide functies te vervullen. In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep dit oordeel en onderbouwt dat de verzekering geen dekking biedt voor toename van arbeidsongeschiktheid door andere oorzaken dan die welke tot de oorspronkelijke uitkering leidden. De Raad stelt vast dat de medische grondslag van de herziening van de uitkering per 1 december 1984 uitsluitend somatisch was en dat de psychische klachten later zijn ontstaan.
Verder acht de Raad het niet onaannemelijk dat appellant de functies kan vervullen binnen het vastgestelde belastbaarheidspatroon. De Raad wijst de bezwaren tegen het maatmanloon af wegens gebrek aan onderbouwing. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Hoger beroep wordt afgewezen; psychische klachten zijn niet verzekerd onder artikel 37 lid 2 WAO.